dutch poetry

de realiteit is
te veel
om mij
zelf te zijn

vluchten
in let­ters
in beelden
in mijzelf
is niet meer
mogelijk

heden
zijn gedachten
hard en
niet kapot
te krijgen


ik zet het licht op
een plek die daar­voor
leeg was
de vlam bli­jft bran­den
als ik mezelf afwend
en mijn stap­pen zet
op de hard­ste­nen vloer
naar de zware deuren
die niet vanzelf opengaan


schaduwge­sprek

wat ben je aan­wezig van­daag
–het is een mooie dag–
waarom dan toch zo zwart
–licht maakt me donker–
en als het donker is
–besta ik niet–
of
-.…..-
alleen
&
onzichtbaar


drup­pels maken
gaat niet zomaar
o nee
nee
daar gaat een grens aan vooraf
bewusteloze ste­nen
in een muur met poreuze mor­tel
die door een mok­er­slag
uiteenspat
net zoals het water
dat zijn vorm terugkrijgt


nachtschade

amaris dul­cis
zingt klee
in de diepte
van de piramide
waar de hon­ing­mum­mie
ligt te wachten
in het donker
tot­dat hij gered wordt
door de rode nacht


pot­lood beschri­jft papier
lijn die niet bestond
neemt gedachten over

denk na denk na
welke woor­den
hoeveel wit

kom erachter
door het grafiet
dat zich laat lei­den
zoals ideeën dat niet laten doen


nu was nu

dit moment
is van­daag
niet genoeg

elke tel
die nog komt
is geweest
en
spelden vallen
mijn ogen geel
en paarse vor­men
als ik ze open doe


onzin

wat wil ik ver­geten
wat wil ik onthouden

als ik mezelf laat zien

ik ga praten
ik blijf stom

als ik mijn ik laat zien

ik zal glim­men
ik zal doven

als ik mijn kant laat zien

ga ik schrijven


de jas

waar de ruimte
voor irreële ideeën
bestond
slechts stof nog
met ste­nen gevuld
water waar
elke drup­pel die valt
meteen in scher­ven
opnieuw een spiegel is
een twee drie stap­pen
op ver­gane naden
vorm­loze grond
die alleen maar neemt
en in zichzelf verdwijnt


lieve heer
–s–
beestje
of mogen we dat niet meer zeggen
tegenwoordig

taal
leidt tot waanzin in de kop
maar
lij­den is niet nieuw

zeshoekige herin­ner­in­gen
tussen haak­jes
wachten en dachten eraan
er een punt achter te zetten
-.-


ruimtege­brek

het meisje had een stem
maar wist het zelf niet
dacht dat haar stilte genoeg was
om geho­ord te worden

elke dag opnieuw
keek ze naar iedereen
vanachter haar blik
met blauw dat nie­mand zag

ze groeide niet

een trein in haar hoofd
het enige dat ze hoorde
felle lichten in haar ogen
het enige dat ze zag

ze moest wakker wor­den
maar bleef toch slapen
bang voor de ster­ren
die ze miss­chien zou zien


vrij gespron­gen vrij
i
de schouder
te smal voor zor­gen
te breed voor een traan
valt net zo hard als
het hart
te groot om voor zichzelf te klop­pen
te klein om het voor een ander te doen
ii
op de grond
van as en zaden
naast elkaar
het hart zwi­jgt
de schouder kijkt
iii
open diepte
los­ge­laten
het hart heeft een ritme
de schouder een maat


wat te doen

waarom han­de­len
–waarom tegen je aan­liggen–
waarom praten
–waarom zeggen jij bent lief–
als je dat alles al gedacht hebt

is dan toch niet meer dan over­bod­ige luxe
die stiekem geen luxe is
maar zich mooi kan verkopen
40% korting…50% kort­ing
pak maar en u loopt geen risico
pak maar en u hoeft niet te leven



Pop­u­lar­ity: 4% [?]

No Comments

Post a Comment

Your email is never shared.

-by submitting a comment here you grant this site a perpetual license to reproduce your words and name/web site in attribution-